De nummer één reden waarom winnaars winnen

Pieter van den Hoogenband won in 2000 tijdens de Olympische Spelen in Sydney voor het eerst de befaamde gouden plak. We vroegen hem om een verklaring. Waarom won juist hij? Waarom niet iemand anders?

Een winnaar probeert niet, een winnaar dóét. Een winnaar staat ‘s ochtends op met een concreet doel. Hij weet wat zijn punt B is en stippelt vanuit daar zijn route uit. Hij weet iedere dag waar hij op dat moment staat en wat er nodig is om te komen tot punt B. In het geval van Pieter was punt B de gouden medaille in Sydney op het ‘koningsnummer’.

Trainen

Het is niet moeilijk voor te stellen dat in hoog tempo baantjes zwemmen op een gegeven moment niet leuk meer is. Als je optelt hoeveel baantjes Pieter tot uitputting heeft gezwommen, zal het er voor anderen eruitzien als een obsessie. Niemand doet dat voor zijn plezier. Het ziet eruit als geestdodend gekkenwerk.

Pieter van den Hoogenband heeft ooit besloten goud te winnen op de Olympische Spelen en zette vervolgens een mentale knop om. Zijn inner stance: ik ben olymisch kampioen. Niet eens in de vier jaar, maar elke dag.

“Voor mij was olympisch goud een logisch gevolg van het proces.”
Pieter van den Hoogenband

Het enige logische gevolg

Er is enkel vooruitgang of achteruitgang. Stilstand is iets dat in de realiteit niet bestaat. Voor een winnaar is het iedere dag, ondanks de gesprekken in zijn hoofd, logisch om te kiezen voor vooruitgang. Het is niet altijd leuk, maar als je zegt iets te gaan doen is er maar één optie: werken om te winnen. En winnen omdat het kan. Wanneer je zo leeft is winnen het enige logische gevolg.

Beantwoord de volgende vragen voor jezelf.

  • Wat zou in jouw leven mogelijk zijn als je er écht voor zou werken?
  • Wat is voor jou tot nu toe een onwerkelijke droom, die eigenlijk best mogelijk is?
  • Wat is jouw punt B, als je niet terughoudend bent?

Relevante berichten